Marina Laureys 

Portret Marina Laureys

Marina Laureys 

In deze portrettenreeks vertellen medestanders van het eerste uur over hun ervaringen met het evenement. 

Wie bent u?  

“Ik ben Marina Laureys. Sinds eind vorige eeuw (lacht) ben ik betrokken bij het cultureel-erfgoedbeleid van de Vlaamse overheid, eerst als teamverantwoordelijke, later als afdelingshoofd Cultureel Erfgoed. Vandaag werk ik als coördinator van de stafdienst van Luc Delrue, secretaris-generaal van het departement Cultuur, Jeugd en Media.”  

Hoe was u betrokken bij de start van  Erfgoeddag in 2001?   

“Wat ooit gestart is als Museumdag groeide uit tot Erfgoeddag, zo de ontwikkelingen van het beleid volgend. Gesteund door toenmalig minister Anciaux en zijn kabinet.” 

Waarom vond u het belangrijk om een dergelijk initiatief in het leven te roepen? 
 
“Musea zijn breed toegankelijk, maar de toegankelijkheid van archiefinstellingen en erfgoedbibliotheken beperkt zich vaak tot de leeszaal. Een initiatief als Erfgoeddag geeft alle collectiebeherende instellingen de kans om alle aspecten van zorg voor en omgaan met cultureel erfgoed in de kijker te zetten. Voor de erfgoedcellen was het een gelegenheid om hun projecten en werking voor het voetlicht te brengen. Het publiek maakt kennis met de werking achter de schermen en krijgt zo zicht op de specifieke expertises, complexe processen en de mensen en middelen die het mogelijk maken ons cultureel erfgoed door te geven aan volgende generaties.” 
 

Waarom vond u het belangrijk om van bij het prille begin te participeren?  

“Als ‘actor’ was ik niet betrokken, als ‘gebruiker’ des te meer. Elk jaar stonden er verschillende activiteiten op mijn planning.” 

Hoe zag u het initiatief evolueren?   
 
“Ik zag Erfgoeddag evolueren naar een zeer breed publieksmoment waaraan ook vele niet-erfgoedorganisaties deelnemen. Prima, zolang het beheerders van erfgoed zijn, waaronder ook organisaties die erfgoedzorg niet als kerntaak hebben, en zolang de focus ligt op het tonen van de zorg voor en het omgaan met cultureel erfgoed. Maar doorheen de jaren steeg het aantal activiteiten waarbij het ‘cultureel erfgoed’ zelf wat zoek was, zoals wandelingen.” 

Wat is uw favoriete herinnering aan  Erfgoeddag?  

“Het zijn er te veel om op te noemen. Ik denk nu bv. aan de vele mooie projecten in musea, archiefinstellingen en erfgoedbibliotheken. Met bijzonder veel warmte koester ik herinneringen aan de eerste jaren, waarbij soms onverwachte schatten opdoken uit de projecten van erfgoedcellen. Of wanneer we een bezoek konden brengen aan erfgoed dat zelden toegankelijk is voor het publiek. Zoals die keer dat het VRT-archief in het Amerikaans theater zijn deuren opende. Bepaalde thema’s waren heuse voltreffers, zoals ‘t Zit in de familie, Gevaar!, Niet te schatten, Erf! en Zorg.” 

Erfgoeddag bestaat 20 jaar. Wat is volgens u de impact van het initiatief op het cultureel-erfgoedveld?  

“Erfgoeddag gaf cultureel erfgoed een bredere zichtbaarheid en creëerde bewustwording in andere domeinen, zoals onderwijs, welzijn en kunsten. Er is meer draagvlak voor de diverse aspecten van erfgoedwerk, ik denk dan vooral aan behoud en beheer, conservatie, restauratie, onderzoek. Bij uitstek de functies die minder zichtbaar zijn voor het publiek.”